Diclo

Wat ik hieronder schrijf is natuurlijk onzin, maar het gevoel is wel zo! Het gevoel van Lazarus die uit zijn graf opstaat, een Fenix die uit zijn as herrijst of Harry Potter die op een dodelijk moment precies op tijd verdwijnseld.

Een kleine week geleden cirkelde ik met mijn vriend Bo over de TRIAS-Atletiekbaan in Heiloo. We lopen onze wekelijkse intervaltraining en tussen de bedrijven door praatten we onder andere over onze toekomstige BOEDcast die alleen nog op een tafel wacht, een tafel die inmiddels twee poten heeft. Als jonge goden draaien we onze rondjes en snelt Lisanne de Witte zo nu en dan langs ons heen onder een goedkeurende blik van trainer Sven. 

Diezelfde zondagavond voel ik het eerste ongemak in de heupstreek, het is een “ver weg” gevoel. Op maandag en dinsdag wordt het gevoel iets manifester. Op woensdag heb ik een afspraak in Zaandam en vervolgens een etentje in Haarlem, totaal meer dan 17.000 stappen die dag. Aan het eind van deze avond loop ik de station trap op in Haarlem en ervaar een eerste pijnscheut in de bilstreek. Aangekomen op het splinternieuwe station Heiloo loop ik vervolgens probleemloos naar huis. Wel een onrustige nacht met een licht pijnlijke heup. Zeg maar 2 op de schaal van 10, zoals mijn fysiotherapeut altijd naar de mate van pijn vroeg.  

Op Donderdag wordt de pijn erger en zo nu en dan hevig, het lopen wordt moeilijk en zeer pijnlijk. Zo erg dat ik bijna niet meer kan opstaan en voetje voor voetje en steunend mij in de woonkamer van A naar B moet begeven. Mijn vrouw ziet dit alles zeer bezorgd aan en adviseert dat ik vrijdag onmiddellijk naar de huisarts moet, wat ik natuurlijk wegwuif.

In mijn gedachten gaat er weer een langspeelplaat spelen. Is dit het begin van het einde, met mijn bijna 68 jaar moet ik op mijn retour zijn. Of is het een acute aanval van botkanker in mijn heup?  Hoe moet is volgende week de trap op en af bij station Spaarnwoude op weg naar de oogarts? Kom ik ooit bij AZ nog de tribune op of moeten ze een traplift aanleggen tussen vak P en Q?  Kan ik mij überhaupt nog manifesteren als witte Keniaan? 

Ik moet de trap op richting slaapkamer. De pijn is inmiddels zeer ernstig (9 op de schaal van 10!). Met de gezonde heup, de trapleuning en de wandelstok van mijn schoonmoeder duurt het minuten om de trap op te komen. Het is vervolgens boven een marathon om in de badkamer van de wastafel naar de WC te komen en weer terug en dan hebben we het nog niet gehad over het uitkleden en vervolgens richting bed waar ik uitgeput aankom. Mijn vrouw hoort het gestommel,  gesteun en de kreten en zegt half in haar slaap “arme man!”. Klopt! Zo ben ik gezond en in een paar dagen een wrak die op de rand van de afgrond staat. Moet mijn been worden geamputeerd nu mijn heup deze afstoot? Ik zie het bezorgde gezicht in het ziekenhuis Alkmaar van zuster Klivia van de afdeling ledenmatenzagerij. Ik ben ervan overtuigd dat dit voorlopig niet meer goed gaat komen. In mijn gedachten bezinksel denk ik ineens aan diclofinac, zou het een jichtaanval zijn? Totaal niet aan gedacht! Rond 11 uur diclo nummer 1 en rond 2.00 uur s’nachts diclo 2. ….ik val eindelijk in slaap.

De volgende morgen gaat mijn been redelijk makkelijk uit bed en voel nog wel pijn in de heup maar het strompelen is weer een vorm van lopen. Diclo 3 met maagzuurremmer erin. Inmiddels een paar diclo’s verder ben ik aanbeland op de zaterdagochtend. Harry Potter, Lazarus en de Fenix blijken te bestaan. ik ben wonderbaarlijk helemaal genezen. Het wondermiddel heet Diclofinac!

Edward Neering

Reorganisatie Amsterdam Werkt!

Amsterdam Werkt!, aan de van de Madeweg.


Reorganisatie Amsterdam Werkt!

Al eerder schreef ik begin juli 2025 op deze weblog over de reorganisatie bij de directie Werk en Participatie/afdeling Amsterdam Werkt! Moraal van de vorige blog was “Je kunt reorganiseren/herstructureren/doorontwikkelen tot je een ons weegt maar als je als organisatie je kernfunctionarissen (de klantbegeleiders) niet goed aanstuurt dan kan je beter de tent direct opdoeken want dan wordt het een oeverloos verhaal”

Afgelopen donderdag is het personeel geïnformeerd over de komende reorganisatie (reo) en de personele gevolgen bij de afdeling Amsterdamwerkt!, De directie W&P is akkoord. Gelukkig kan er nog invloed worden uitgeoefend via de Ondernemingsraad (art 25 WOR) met het adviesrecht. De directie zal via de gemeentesecretaris het reorganisatieplan aanbieden bij de ondernemingsraad (OR). De OR zal de lokale Onderdeelcommissie Werk en Participatie (OC) vragen om het advies voor te bereiden en vervolgens is er 6 tot 8 weken de tijd om een positief of negatief advies te geven. Vaak is het positief mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Rand voorwaardelijk vanuit de medezeggenschap is dat de OC wel goed betrokken is en weet wat er bij het personeel leeft. Ik krijg signalen dat dit momenteel nog onvoldoende is/minimaal is. Heel zorgelijk want 40 van de 120 medewerkers gaan hun baan verliezen. Wat is er aan de hand:

  • Er heerst bij veel collega’s een algemeen wantrouwen m.b.t. het MT van Amsterdam-werkt! De uitvoering wordt niet betrokken bij interne besluitvorming en bij interne veranderingen. Notulen zijn geheim er is totaal geen transparantie.
  • De directie staat al jaren open concurrentie binnen- en buiten de gemeente toe m.b.t. toepassing van het re-integratie-instrumentarium. Klantbegeleiders kunnen buiten Amsterdam-werkt! om, dezelfde instrumenten inzetten/in laten inkopen. Er is niet gestuurd op het principe van “Eigen trajecten bij de directie Werk en Participatie gaan voor, tenzij” Het is dan ook niet vreemd dat er jarenlang minder aanmeldingen zijn op de eigen trajecten bij de afdeling Amsterdam Werkt!. Zie ook mijn eerdere blog “Sturing, sturing en Sturing” uit juli 2025. Dit is jarenlang mismanagement op directieniveau. Voorts is het natuurlijk een vereiste dat trajecten goed aansluiten op de vraag.
  • Teammanagers van klantbegeleiders moeten doen waarvoor zij zijn ingehuurd namelijk hun personeel (de kernfunctionaris: de Klantbegeleider) aansturen. Naast de personele gesprekken (MAG) ook periodiek caseload-gesprekken voeren . Dit in plaats het bezig zijn met allerlei randzaken. (Zie ook het Deloitte onderzoek van twee jaar geleden. Advies: “De medewerkers centraal!”). Bij de aansturring dus “Eigen projecten van de directie W&P hebben voorrang. Pas extern als plaatsing intern niet kan. Klantbegeleiders moeten vanuit hun vakmanschap kunnen uitleggen waar om een duur extern traject wordt gekozen.
  • De klantbegeleiders op hun beurt moeten worden ontzorgd van allerlei administratieve ballast wat de registratiesystemen met zich meebrengen. Zie ook mijn eerder blog hierover “De bloemkooldoctrine”. Doel moet zijn dat zij netto 15 klanten fysiek per week kunnen spreken in plaats van de huidige 5 a 8 per week klanten/Amsterdammers. Dus minder achter de computer en meer in de spreekkamer.
  • De kloof tussen het MT van Amsterdam-werkt! en het overig personeel door de jaren heen wordt alleen maar groter, het lijkt er sterk op dat er een eigen MT-koers wordt gevaren: er heerst bij het MT een overlegcultuur vanaf laptops in plaats van een goede dialoog met het personeel. Er is geen verbinding. Amsterdam Werkt! Heeft de afgelopen drie jaar inmiddels vier afdelingsmanagers versleten, dat zegt al genoeg. Notulen van MT’s worden niet gedeeld, zijn niet ter inzage.
  • Als medeoorzaak van deze reorganisatie wordt er in algemene termen gesproken (over ‘veranderende behoefte van de Amsterdammer’ en ‘dat het instrumentarium van Amsterdam-werkt! niet aansluit’. Er is geen definitie en dit is dus totaal onduidelijk en mistig aldus de medewerkers. Kijk dat er een focus komt op drie doelgroepen is prima maar sluit de de andere Amsterdammers niet uit van deelname op de diverse trajecten. Iedereen doet mee met extra aandacht voor drie groepen zou het adagium moeten zijn. 
  • Er zijn grote zorgen onder het personeel van Amsterdam-werkt! m.b.t. een eerlijk verloop van de toepassing van het uiteindelijk sociaal plan. Er wordt gedacht aan oneerlijke sturing indien bijvoorbeeld collega’s zouden moeten solliciteren op eigen/bestaande functies

Oproep aan de de nieuwe directeur van de directie Werk en Participatie, Annemarie Stokman, om in te grijpen en als directeur in gesprek te gaan met de medewerkers van Amsterdam Werkt! 

Edward Neering*

*In de jaren tachtig achter het loket van de sociale dienst Amsterdam gezeten als bijstandsmaatschappelijk werker. De Jaren negentig en nul 20 jaar is het management gezeten van Werk en inkomen met de nadruk op re-integratie. (diverse rollen). Samen met Boer & Croon  in de jaren 2004 en 2005 de functie van klantmanager ontwikkeld voor de Dienst Werk en Inkomen die per 2006 startte. Vanaf 2009 als interim manager gewerkt bij het stedelijke Bureau Interim & Advies  en drie opdrachten gedaan in het domein van Werk en inkomen. Van 2021 tot 2025 OR lid geweest en dagelijks bestuurder en contactpersoon voor de directie Werk en Participatie. In de OR periode het OR advies voorbereid van de vorige grote reorganisatie bij WPI.

De Blonde Dame

Tijdens mijn afscheid (zie foto hieronder) eind november 2024 kreeg ik van mijn BIA-directeur, Stijn Wilke, een kopie van de Blonde Dame. Iedere medewerker die Bureau Interim & advies  verlaat krijgt dit cadeau naast een fles “BIA wijn”. Dit is natuurlijk niet zomaar, hier zit een verhaal achter.

Van AGA naar BIA

BIA heette voorheen AGA, Advies Groep Amsterdam. Dit bureau is ontstaan uit het projectbureau 2200 bij de gemeente Amsterdam dat begin jaren 2000 is opgericht op het Amsterdamse stadhuis. Kernactiviteit van dit bureau is dat zij tijdelijk advies en interim klussen doen voor de gemeente Amsterdam (60 directies) in de volle breedte. Dus van de reiniging tot aan bestuursdiensten op het stadhuis. Een wendbare club door en voor slimme jonge mensen. Na AGA kwam in 2015, na de grote reorganisatie, Bureau Interim & Advies (BIA) en het bureau heeft nu nog steeds dezelfde opdracht. De slimme jongeren werden vanaf 2009 aangevuld met oudere (senior) adviseurs/interim-managers.

De blonde dame op de fles wijn als relatiegeschenk van Bureau Interim & Advies

Beeldende Kusntenaars Regeling (BKR)

Op 1 juli 1987 werd in Amsterdam de BKR (Beeldende Kunstenaar Regeling) afgeschaft. Kunstenaars kregen geen geld meer voor de erkenning dat zij kunstenaar waren en konden tot 1 juli 1987 een bescheiden inkomen verdienen via de BKR. Voor dat geld leverden de kustenaars een tegenprestatie door kunstwerken in te leveren bij de gemeente Amsterdam. De kunstwerken werden opgeslagen in depots een ook in de kelder van de Stopera (het Amsterdamse stadhuis/operagebouw) .

Massaal verdwenen de kunstenaars in de vermaledijde bijstandswet en ontvingen zij dus een bijstandsuitkering (RWW). De status van kunstenaar aan de onderkant  is vanaf dat moment fors aan inflatie onderhevig. Het is ook de tijd van de bloei van de Artotheken in de stad waar gepromoveerde kunstwerken uitgeleend werden aan Amsterdammers.

Kunstwerken waren als ware dieren in een asiel. Jarenlang wachten op een eventueel baasje dat je aanwijst en het dier verlost uit een hokverblijf, maar nu dus voor kunstwerken met als expositieruimte de Artotheken waar de werken geleend konden worden.. Het gros van de kunstwerken bleef staan waar het stond en bleef staan tussen collega “niemandalletjes”.

De toenmalige baas van project 2200 was afgedaald naar de catacomben van het stadhuis en koos een gigantisch (drie grote panelen) kunstwerk, enige megalomanie  was haar niet vreemd,  om te worden opgehangen in de project 2200 ruimte op de 1e etage aan de Waterloopleinkant van het stadhuis.  De blonde dame deed begin zero’s haar intrede als kunstwerk aan de wand en toonde haar naaktheid. Ze zag dat het goed was en zag hoe de enthousiaste club jonge mensen transformeerden naar Adviesgroep Amsterdam (AGA). Daar kon je 4 jaar vertoeven om uiteindelijk door te stromen binnen de gemeentelijke organisatie of elders.  Vanaf 2008 kwam daar ook een groep interim managers bij die hetzelfde arrangement voor twee jaar kregen.  De blonde dame werd een begrip binnen AGA en langzaam werd het ook een symbool van de jonge flextijgers. De blonde dame dook aangekleed terug op een vakantiekado tijdens een zomerfeest aan het personeel in 2012. (zie foto hieronder)

Vakantiekado AGA 2012, de blonde dame aangekleed op het strand

Dan komt het moment dat AGA moet verhuizen naar de Weesperstraat 105 A ergens in 2012. Inmiddels is AGA getransformeerd naar een bevlogen club waar je je als interim professional kunt ontwikkelen voor  flexibele/creatieve en daadkrachtige oplossingen voor een beter Amsterdam. Het inmiddels tot cultureel erfgoed gebombardeerde kunstwerk wordt ineens onderwerp van strijd. De toenmalige directeur Facilitaire zaken (Jos. M) eisde dat de blonde dame bleef huizen in de Stopera. De directie van AGA nam een gedecideerd besluit en kochtt, na taxatie, het kunstwerk voor 1250 euro. Hiermee is dit kunstbezit behouden voor AGA gebleven. Een heus vervoersplan (zo ging dat bij AGA) wordt opgesteld om het kunstwerk te verhuizen naar de Weesperstraat 105 A (hoek Nieuwe nieuwe Prinsengracht). De kosten voor het vervoer overtreffen de aanschafwaarde van 1250 euro. De omzet van AGA vertoont dat jaar plots een knikje. ;-).

Als een dierbare die naar haar  graf wordt gedragen wordt de blonde dame door Agisten naar haar nieuwe toekomst gedragen, letterlijk op handen. Ze danst, doezelt en deint richting haar nieuwe bestemming bij de kersverse Dienst Advies en Onderzoek, waar ook het Amsterdam Bureau Communicatie (ABC) en de directie Onderzoek & Statistiek (O&S ) onderdeel van zijn, een combinatie van drie directies die geen lang leven beschoren zou zijn. .Ze hangt weer en ziet wederom dat het goed was en waakte nu over maar liefst drie directies.

Vanaf 2015 bij de grote reorganisatie bij de gemeente Amsterdam volgt dus de oprichting van BIA (Bureau Interim & Advies) , er volgt ook een nieuwe bestemming aan de Weesperstraat 113 op de andere hoek van de gracht van de Nieuwe Prinsengracht met de Weesper. Opnieuw wordt zij met liefde gewiegd en met grote zorg over de brug over de Nieuwe Prinsengracht bij de richting het nieuwe Bureau Inteirm & Advies (BIA) gebracht (slechts 50 meter). De ontwikkeling van BIA zet de lijn AGA-professionalisering voort en tevreden kijkt zij met een knipoog ook toe op dit proces.

Samen met het hoofd FZ  van het facilitair bureau (ik doe daar op dat moment een opdracht als interim manager)  doe ik half maart 2018  een schouw in op de Weesperstraat 113 in het kader van het 020 project “Zoek de Rembrandt”. We staan voor het drieluik van de blonde dame. Ze is onder de indruk en ziet plotsklaps de flappen met gele post-its naast het kunstwerk. “Wat is dat?”. Ik merk dat ik begin te blozen en vertel schoorvoetend het actuele verhaal.

.

Zie naast het kunstwerk de fiap met gele post-its

#MeToo

Toen was daar ineens de “#metoo-affaire”. Zeg maar een golf van verontwaardiging over seksueel niet gewenst gedrag van vooral mannen in machtsverhoudingen, dus ook op het werk. Een vrouwelijke collega gaf tijdens een sessie van “BIA-talks” (zeg maar een creatieve vorm van werkoverleg) zich niet prettig te voelen als zij in de BIA ruimte moest werken met de naakte vrouw aan de muur op de Weesperstraat 113, ook al is het een kunstwerk . Het spel rondom De Blonde Dame was op de wagen. We zijn aangeland in 2018/2019  Er kwam een enquête onder het BIA personeel en een heuse deep democracy sessie. De meningen waren verdeeld en er werd besloten om De Blonde Dame niet meer mee te laten verhuizen naar de nieuwe BIA locatie op de Vijzelstraat in het pand van het stadsarchief.

Het compromis

Er zou gezocht worden naar een andere vorm om De Blonde Dame verder te laten leven in het BIA domein. Uiteindelijk kwam er witte rook uit de werkgroep die zich over dit weerbarstige probleem zich had gebogen. Besloten werd om in de pantryruimte van de nieuwe locatie een Behang te ontwerpen met de kruizen van Amsterdam opgebouwd uit allemaal kleine Blonde dames (minutieus). Voorts zou iedere vertrekkende medewerker een kleine reproductie van De Blonde Dame als afscheidscadeau ontvangen. Tegenwoordig wordt de keuze geboden of je reproductie wel of niet wilt ontvangen. Het origineel van De Blonde Dame werd in 2019 gegeven aan de vertrekkende directeur die waarschijnlijk het schilderij in een schuur heeft gedeponeerd dan wel op de schroot heeft gegooid.

Het aangepaste BIA behang met de kruizen van 020 met kleine Blonde Dames

zoom op de andreaskruizen van het blonde damebehang

Kunst

Hoe je het ook wendt of keert, De Blonde Dame is een kunstwerk en moet je dit opofferen/verwijderen/teruggeven/verkopen per opbod als medewerkers hier aanstoot aan nemen. Naast “de zwarte Pieten discussie” is de Blonde Dame de tweede controversiële kwestie geweest in de  AGA/BIA geschiedenis. Wel of niet woke is mogelijk een derde. We zullen het zien.

Ik ben blij dat een kleine reproductie van De Blonde Dame bij ons thuis aan de muur hangt

Edward Neering

Twee BIA kwesties ineen: De blonde dame en zwarte piet.

Ontevreden in het hof van Eden

Mijn bescheiden bijdrage aan het verkiezingsdebat

Duinen bij Bergen aan Zee/ Foto: Edward Neering

Ik leef in Nederland. Graag zelfs.

Nederland biedt mij eigenlijk alle voedingsbodem om een fantastisch leven te leiden. Kansen zat gehad en ook voor de toekomst. En eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat, daar waar het fout is gegaan in mijn leven, ik uiteindelijk zelf de voornaamste verantwoordelijke was.

In grote lijnen is Nederland gewoon een bizar goede plek om te leven.

Nu hoor ik je misschien denken dat ik een naïeve romanticus ben, of dat ik het leven door een roze bril zie. Misschien denk je dat ik makkelijk praten heb, omdat ik een bevoorrechte positie heb als heteroseksuele, witte man. Dat ik blind ben voor de misstanden.

Ben ik niet.

Ik zie echt wel dat er nog veel te (be)schaven en te schuren valt. Dat er bestuurlijke keuzes zijn gemaakt die niet hebben opgeleverd wat ervan werd verwacht. Dat er maatschappelijke verschuivingen hebben plaatsgevonden op allerlei gebieden, waarvan zeker niet alle hebben geleid tot verbetering.

Oud zeer dat niet is verwerkt, nieuw zeer dat is onderschat — ik zie het allemaal.

We kunnen dat “problemen” noemen en dus op zoek gaan naar oplossingen.

En het is prima dat er verschillende oplossingen worden voorgesteld. De aard van die oplossingen kun je links of rechts noemen, religieus of liberaal, humanistisch, communistisch, fascistisch — wat dan ook. Verschillende visies op mogelijke oplossingen worden belichaamd door verschillende partijen. Op basis van een democratisch proces komen we dan uit op een uitslag, waarmee die vertegenwoordigers aan de slag moeten om samen tot beleid te komen waar de meeste mensen de minste moeite mee hebben.

Dat ik de ene visie aanhang en jij een andere, hoort bij die keuzemogelijkheden. En eerlijk gezegd: dat is juist een van de vele redenen waarom ik Nederland zo’n fijne plek vind.

Wat ik wel erg jammer vind, is dat een aanzienlijk deel van het electoraat — ik schat zo’n 25 à 30% — mijn liefde voor Nederland niet lijkt te delen.

Zij vinden dat het land ‘naar de klote’ is, dat alles kapot is gemaakt door “de andere kant” (lees: links of rechts), dat het land ‘niet meer van de Nederlander’ is, en dat er ‘niets meer van ons’ is overgebleven.

Een absolute rampzalige zaak, zo klinkt het.

Maar in alle redelijkheid kun je stellen dat dat gewoon niet waar is.

Ik heb even wat top-10 wereldranglijsten van Google geplukt om een idee te geven:

Gemiddelde welvaart

Verenigde Staten, Denemarken, Nederland, Taiwan, Zwitserland, Australië, Zweden, Hongkong, Singapore, Verenigde Arabische Emiraten

Rijkste inwoners

Zwitserland, Singapore, Nederland, Hongkong, Australië, Verenigde Staten, Denemarken, Zweden, Nieuw-Zeeland, Taiwan

Beste gezondheidszorg

Taiwan, Zuid-Korea, Australië, Canada, Zweden, Ierland, Nederland, Duitsland, Noorwegen, Israël

Kwaliteit van onderwijs

Singapore, Zuid-Korea, Japan, Taiwan, Finland, Estland, Nederland, Zwitserland, Hongkong, Canada

Gelukkigste bevolking

Finland, Denemarken, IJsland, Zweden, Nederland, Costa Rica, Noorwegen, Israël, Luxemburg, Mexico

Zie je dat we overal — terecht — in de top tien staan?

Er zijn 195 landen op de wereld. We kunnen dus stellen dat we, op basis van deze lijstjes, tot de succesvolste 5% behoren.

Dat er altijd iets te verbeteren valt, daar zijn we het allemaal over eens.

Maar beweren dat Nederland “op de rand van de afgrond” staat, vind ik niet alleen een pijnlijk standpunt (je geeft immers af op de plek waar ik van houd), maar ook onwaar — en eigenlijk zelfs een tikje narcistisch. Misschien ook een beetje racistisch.

Want als je bij de top tien hoort op vrijwel elk belangrijk gebied, en je tóch vindt dat het hier afschuwelijk slecht gaat, zeg je in feite dat je recht hebt op een nóg beter leven, terwijl je al torenhoog boven 95% van de wereldbevolking uitsteekt.

En dat recht baseer je dan waarop precies?

“Want ik ben Nederlander, en daarom moet het mij oneindig veel beter gaan dan alle anderen”?

Ik zou het mooi vinden als we wat meer zouden beseffen hoe goed we het hier eigenlijk hebben, en met minder woede en ondankbaarheid een meer constructieve houding zouden aannemen op weg naar verdere, onbetwistbaar noodzakelijke, verbetering.

En dat we ook best trots op elkaar mogen zijn — want links en rechts, fascist en socialist, theïst en atheïst: we hebben het toch maar mooi sámen tot die lijstjes geschopt.

En voor degene die echt wil volharden in zijn diepe hekel aan het huidige Nederland:

ik denk dat in jouw geval migratie niet het probleem is, maar de oplossing.

We noeten #samnvooruit

Edward Neering (met dank aan Alex B)

Duinen bij Bergen aan Zee. foto: Edward Neering

Website 50 jaar SmoeS online! smoes50.nl 

De website smoes50.nl staat vanaf 25 oktober 2025 online. Prachtig geworden. Een kadootje voor het 750 jarig bestaan van Amsterdam en alle oud SmoeSbezoekers in de jaren 70,80 en 90.

De website informeert over nieuwe activiteiten rond het voormalige jongerencentrum SmoeS in Amsterdam-Sloten. Sinds de boekpresentatie van Kees Schelling vorig jaar mei, is er veel gebeurd.

Er kwamen bij de redactie van de website regelmatig verzoeken binnen om foto’s, films en ander SmoeS-materiaal met oud-medewerkers, bands en bezoekers te delen. Ook kregen we de vraag of het ‘Smoes 50 jaar feest’ nog eens herhaald kon worden.

Daarom is er het afgelopen jaar hard gewerkt aan een SmoeS-website waar herinneringen, verhalen en veel historisch materiaal verzameld worden. Fred Warries heeft er een fantastische reis door 25 jaar SmoeS van gemaakt. Hij heeft geprobeerd de sfeer van vroegere tijden online te laten herleven.

De website smoes50.nl staat vanaf 25 oktober 2025 online.

De website staat vol met alle jaargangen van de SmoeS-bulletins, affiches, krantenartikelen, een database met alle optredens op het SmoeS-podium, achtergrondinformatie en beeldmateriaal van bands die ooit op het podium stonden en foto’s en oude geluidsopnamen van onder andere het optreden van Sjef van Oekel en Barend Servet.

Er staat weliswaar waanzinnig veel materiaal op de website maar het is nog zeker niet compleet. De webredactie hoopt op termijn nog veel meer materiaal te kunnen toevoegen. Als jij nog materiaal beschikbaar hebt dat we mogen lenen om op de website te plaatsen, dan horen we dat graag via een reactie op de site

Edward Neering

Medewerker jongerencentrum SmoeS van 1977 tot 1982

Drugsmonologen /Jongerencentra

jaren 70 / 80

Afgelopen woensdag 22 oktober vond in de Vorstin (voorheen Tagrijn) te Hilversum een slotbijeenkomst plaats over drugsgebruik in jongerencentra in de jaren 70, 80 en 90, het symposium Drugsmonologen. In dit laatste kwart van de vorige eeuw verrezen de Open jongerencentra als paddestoelen uit de grond al dan niet gesubsidieerd door een gemeente. Drank vloeide er volop maar ook het gebruik van soft dugs nam een enorme vlucht en in de kielzog daarvan kwam ook het harddugsgebruik (o.a. Speed, Opium, Cocaïne en Heroïne) opzetten in sommige centra. Eind jaren 80 en 90 kwamen andere middelen als Crack, Coke Base XTC- en andere pillen de centra binnen. Het hoorde bij het uitgebreide experimenteer reportoire van jongeren. Deze jongerencentra in Nederland hebben dus een belangrijke rol gespeeld bij de normalisering van middelen door de jaren heen.

Kees Schelling was uitgenodigd in verband met zijn prachtig gedetailleerde boek over Open Jongerencentrum SmoeS in Amsterdam Sloten in de jaren 70,80 en 90. Ik was met hem mee. In SmoeS vloeide de alcohol volop en was er softdruggebruik, later mochten er alleen buiten joints worden gerookt. Verder veel herkenning met problemen (intimidatie en vechtpartijen) tussen bierdrinkers/Disco gangers en de rokers (de stuffies) uit de jongerencentra. In SmoeS kwamen zowel jongeren uit Amsterdam Nieuw West als uit Badhoevedorp.

Nikki de La Rie gaf een interessante lezing over de geschiedenis van middelengebruik door de jaren heen van jongerencentra in Nederland en specifiek in Utrecht in het kader van haar promotie-onderzoek. Jongerencentra zoals de Kargadoor, Kasieno en ’t Spinnehok waar later het bekendere poppodiun Tivoli voor in de plaats kwam. Ook de geleerde lessen n.a.v. deze bijzondere historie kwam aan bod.

Schrijver Kees Schelling (uiterst rechts) tijdens het panelgesprek

Veteranen van de jongerencentra jaren 70/80

Diie rode draad kwam ook weer terug in een panelgespek met vier veteranen die, al dan niet als beroepskracht, werkzaam waren geweest in zulke jeugdcentra: Kees Schelling van SmoeS, Ernst Mulder van De Boerderij in Zoetermeer, en Hellian van Beekum en Herbert Boerendonk van De Tagrijn in Hilversum, Hun verhalen lieten veel variatie tussen de centra zien: in hun omgang met softdrugs en harddrugs, met bezoekers en de gemeente, met gebruikers en dealers. Of er met het verdwijnen van de meeste centra veel verloren was gegaan waar we vandaag de dag nog wat aan zouden hebben? Plekken waar jongeren zichzelf kunnen ontwikkelen en experimenteren, en waar ook ruimte is om goede kennis op te doen over middelen, of je die nou ooit gaat gebruiken of juist niet – die gunden ze de jongeren van vandaag ook. Muziek, theater, film, een kritische blik, drank en drugs brachten deze jongeren bij elkaar in de tijd dat sociale media niet bestonden. Aansluitend aan het panel werd een beleidsadvies aan twee ministeries overhandigd op grond van dit historische onderzoek.

Ellen ten Damme

Ellen ten Damme sloot de hele sessie muzikaal af.

Ellen ten Damme

Thomas Swanenberg op het schild! #Suriname Museum

Prachtig en mooi alle berichten die ik lees over het Suriname Museum. Eindelijk heeft het museum nieuw leven ingeblazen gekregen, dat werd tijd. 

Helaas zie ik nergens de naam van Thomas Swanenberg in de berichten terugkomen. Hij was in de jaren 90 de allereerste oprichter van Het Surinaams Historisch Museum. In 1994 kwam hier helaas een einde aan. Grappig feit is dat dat museum destijds in hetzelfde gebouw zich bevond als waar het onlangs geopende Suriname Museum gevestigd is. Als Maatwerk Amsterdam hebben we nog getracht destijds om hier banenpoolbanen te creëren in opdracht van stadsdeel Oost.

AT 5, het Parool en FunX hebben aandacht besteed aan de opening op 26 september 2025 maar niemand is in de geschiedenis achtergrond gedoken. De familie van Thomas Swanenberg (inmiddels overleden) heeft de afgelopen jaren gepleit bij de directie van het huidige  museum om Thomas Swanenberg als bedenker van het Surinaams historisch museum op het schild te zetten. 

Desgevraagd verklaart een kleindochter van Swanenberg: “Hij zou enorm trots zijn geweest hierop als hij nog in leven was. Echt waar gewoon. Dit was zijn droom, zijn levenswerk”.

Zijn huidige kleinkinderen zagen hun opa altijd bezig zijn met zijn spullen verzamelen en sorteren. Een van hen heeft zelfs nog geholpen achter de kassa als 5-6 jarig meisje, als vrijwilliger natuurlijk ;-).

“Hij was zo trots op zijn museum! Het was het gesprek van de dag thuis. Helaas was er in de jaren 90 weinig tot geen animo voor waardoor het museum na 4 jaar het financieel niet meer kon bolwerken. Hij was er kapot van. Het was zijn hart en ziel. Al het harde werken was in 1 keer weg. Gelukkig had hij ons om op terug te vallen en overspoelden we hem met liefde waardoor hij door de moeilijke periode in de jaren negentig heen kon komen”.

De familie wil hun opa alsnog de erkenning en naamsbekendheid geven want dat verdient Thomas Swanenberg als oorspronkelijk bedenker van dit concept voor een cultureel historisch Suriname Museum.

Nu wil het feit dat de familie al enige tijd  bij de huidige directie probeert om de oorspronkelijke oprichter wel een plek te geven in de berichtgeving rondom de opening van het huidige museum echter zonder resultaat. Sterker nog ze laten helemaal niets van zich horen. 

In mijn werk als directeur van de stichting Herstelling hadden wij veel te maken in de jaren negentig en begin vorige eeuw met Suriname en het cultureel historisch erfgoed. Er hebben in deze periode diverse uitwisselingen plaats gehad tussen Suriname en Nederland. Vandaar mijn betrokkenheid.

Ik roep de directie van het huidige Suriname Museum op om snel in contact te treden met de familie Swanenberg met als doel om Thomas Swanenberg in de communicatie rondom het museum de aandacht te geven die hij verdient. 

Edward Neering

NB: Het Suriname Museum is overigens gevestigd op de Zeeburgerdijk 21 in Amsterdam, stadsdeel Oost.

Pinkpop 1988

Het was eind mei 1988. Ik was net weer vrijgezel en was op weg naar Landgraaf voor een nieuwe editie van Pinkpop. Was er al een tijdje niet geweest. Ik heb wel de edities van 1979, 1980 en 1981 bijgewoond toen nog op de drafbaan van Geleen maar daarna afgehaakt.  Het waren de jaren van de start van The Jam, Dire Straits, Elvis Costello, U2 en Joe Jackson. Nu dus op de drafbaan bij Landgraaf bij Heerlen. Nog wel op 1 dag  en op 2e pinksterdag in plaats van de huidige 3 dagen  in het 2e weekend van juni. 

Red Hot Chili Peppers was als opkomende band al in het begin geprogrammeerd. Het enige wat ik mij nog herinner was de leadzanger met een gebreide sok om zijn geslachtsdeel. Deze band werd de heldenband van mijn zoon, in die tijd (half zero’s) begon ik zelf de muziek enigszins te waarderen. De rest van de optredens ben ik ook bijna vergeten. Het begint pas  weer te dagen bij het geweldige optreden van Sinead O’Conner solo en de herkenbare robuuste sound van Joe Cocker. Er was veel bier gevloeid door de dag heen en patatmaaltijden werden naar binnen gewerkt. Tijdens Joe Cocker (Unchain my heart} de eerste zoen gewisseld met een zekere Carolien. Het was pas laat afgelopen en de meute begaf zich naar het station van Landgraaf. Het duurde lang voordat de trein vertrok en binnen korte tijd zong de hele staande groep op het balkon van de trein “de grote banaan uit Afrika” met ondergetekende als voorzanger/dirigent. Later stond de trein onderweg regelmatig om onduidelijke redenen stil en zaten we inmiddels diep in de nacht. Lang verhaal kort, we kwamen pas aan op Amsterdam CS om half zes in de ochtend. Dan maar ontbijten met o.a. met mijn nieuwe vlam in een onduidelijk tentje in de Marnixstraat. Bier bij het ontbijt was toch een nieuwe insteek in mijn leven ;-). Uiteindelijk was ik om een uur of acht op dinsdagmorgen aangekomen op mijn flatje in Badhoevedorp. 

Ik werkte destijds als bijstand maatschappelijk werker bij de sociale dienst in het centrum van Amsterdam. Nu ben ik natuurlijk een keurige jongen en belde met een collega om te zeggen dat het Pinkpop gebeuren enigszins uit de hand was gelopen en dat ik die dinsdag een dag vrij nam, Annet nam het ter kennisname aan. In de loop van de ochtend, In een dergelijke situatie zou menigeen zich ziek melden maar ik dus niet, Word ik in de loop van de ochtend uit mijn bed gebeld door dezelfde collega Annet dat ik toch naar het kantoor op de Herengracht moest komen omdat ik in de middag ingeroosterd was voor intakes van bijstandsaanvragen. Dienstbevel* van mijn leidinggevende Bart. ……. En ik deed het ook nog.

Diezelfde Bart blijkt de buurman te zijn van mijn zojuist overleden lieve zuster Nel. Ik kwam hem tegen na de begrafenis bij de koffie en cake in cafe Kerkzicht. Hij bood direct zijn excuses aan voor het voorval in juni 1988.

Dat dan weer wel !

Edward Neering

*het enige dienstbevel wat ik in mijn 43 jarige werkzame leven bij de gemeente Amsterdam heb gehad.

het Haakje

Het slagveld is weer achter de rug in mijn tere mond terwijl het politieke veldslag in het land zich verdiept richting de verkiezingen op 29 oktober. Op de dag dat kabinet Schoof 3 is gevallen ….nog even en Dick Schoof is alleen aan de macht ;-). Het is al meer dan 25 jaar geleden dat ik halfjaarlijks de mondhygiëniste bezoek in het groene Heiloo. Tegenwoordig 1 x in de 4 maanden. Je zou dan toch zeggen dat het voorheen halfjaarlijkse strijdtoneel bij de mondhygieniste ten einde zal zijn nu de frequentie omhoog is gegaan en ik meer aandacht geef aan mijn gebit sinds dat ik met pensioen ben gegaan. 

Sinds mijn vertrek bij de gemeente Amsterdam ben ik intensief in de weer met ragers in diverse kleuren van TePe en poets maximaal, minimaal 2 minuten per keer. De achterkant van mijn kiezen worden zelfs met een gaasje extra bewerkt.

Nee hoor, het  gevecht in mijn mond duurde toch nog zo’n 40 minuten terwijl mijn aanname was dat ik binnen 10 minuten weer op straat zou staan gezien mijn grondige aanpak van het afgelopen jaar.

Ik verlang terug naar mijn oude mondhygiëniste Simone.  Standaard had ik een muur van tandsteen achter de onderste voortanden. “Even de Berlijnse muur slopen” was een halfaarlijkse opmerking. Veel haakjeswerk en ander gepunnik en dan afsluiten met het polijsten. Zij adviseerde ook ragers maar ik kwam niet verder rubberen tandenstokers van Kruidvat.  Toch stond ik altijd binnen een half uur weer buiten, 33% korter dan de huidige behandeling en met minder goed ondehoud.

8 maanden geleden zei mijn huidige: “uw tandvlees flubbert!, u staat aan de vooravond van een parodontitis (chronische tandvleesontsteking). Ik  was verbijsterd omdat ik voor mijn gevoel heel goed bezig was. “Sommige zaken zijn weerbarstig” zei ze onderkoeld. Dit alles brengt mij terug in de tijd van de schooltandarts eind jaren zestig, begin jaren zeventig. Als het wagentje kwam voorrijden bij de Plesmanschool in Badhoevedorp dan ging er een siddering door de hele school. Mevrouw slachttand, de assistente van Tandarts LIem kwam de leerlingen oproepen op alfabet. Alle kinderen van het ziekenfonds waren de Sjaak, kinderen van welgestelde ouders die particulier waren verzekerd haalden opgelucht adem. “Doe die mond open! Anders boor ik in die tong van je”, sneerde de tandarts in een licht Indisch accent. Daarvoor had hij de vraag gesteld of ik wel elke dag mijn tanden poetste. Eerlijk als ik was zei ik dat dat niet altijd het geval was. “Vergeet jij s’morgens ook wel eens je onderbroek aan te trekken” beet hij mij toe.  “Dat heb jij ervan! Als je niet elke dag je tanden poestst”, zei hij al borend zonder verdoving.

Bij de huidige mondhygiëne behandelingen wordt er niet meer gepolijst. Gevalletje van jammer, want het is een frisse afsluiting van de behandeling. Na 40 minuten haal ik opgelucht adem en vraag ik bij het opstaan uit de roze stoel of mijn tandvlees nog flubbert. “het gaat een stuk beter……..maarrrr we hebben nog een lange weg te gaan! “Amen, dacht ik!

Edward Neering

Sturing, Sturing en Sturing!

Bij Amsterdamwerkt! in juni 2025

Er is een reorganisatie bij de afdeling Amsterdamwerkt! op komst van de directie Werk en Participatie. Ik was op de vd Madeweg onlangs en zag de onrust en zorgen onder de medewerkers. Ik heb er een kritische blog over geschreven.

Sturing, Sturing en Sturing

Op donderdag 12 juni 2025 was ik bij het pensioenafscheid van een oud collega  bij Amsterdamwerkt! aan de Van de Madeweg in de hoofdstad. Zij was jarenlang mijn managementassistente toen ik destijds (eind 2005 tot 2009) afdelingshoofd was van de afdeling Werk en Uitvoering (Het Amsterdamwerkt! van nu) , zeg maar het publieke reïntegratiebedrijf van de sociale dienst (Dienst Werk en Inkomen=DWI). Tevens was ik destijds directeur van de stichting Herstelling. Een hele eer om nu (na 16 jaar weg te zijn) uitgenodigd te worden en gevraagd te worden een toespraakje te houden bij haar afscheid. 

Het unieke concept van de stichting Herstelling is direct na mijn vertrek in 2009 losgelaten. Dat concept was dat uitkeringsgerechtigden met behoud van uitkering de forten van de Stelling van Amsterdam herstelden/opknapten in een prikkelarme omgeving onder leiding van vakkundige werkmeesters uit de bouw, metaal en het groen. in 2006 werd hier een horeca traject aan toegevoegd met Ahmed Aboutaleb die als wethouder de aftrap gaf voor dit unieke traject. Opdrachten kwamen via Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer of een particuliere stichting.

Medewerkers waren trots dat ze konden bijdragen aan dit bijzondere concept en hadden een warm hart van vakmanschap en soms vaderschap voor de deelnemers, zelf spraken zij van het hebben van een “Herstellinghart”.  Goede resultaten waren het gevolg. Veel deelnemers vonden hun weg naar een vervolgtraject, een beroepsopleiding, een gesubsidieerde, reguliere baan of dagbesteding. Die trots van de medewerkers heeft een enorme deuk opgelopen in 2014/2015 na een integriteitsschandaal bij het Amsterdamse Bos met twee werkmeesters van DWI/ Herstelling. Vlak daarna werd de naam veranderd in Amsterdamwerkt! Die deuk is tot op de dag van vandaag nog niet uitgedeukt. Maar daar wil ik het verder nu niet meer over hebben. Ik wil het graag hebben over het gebroddel rondom de instroom van nieuwe deelnemers.

Na weer een aantal medewerkers gesproken te hebben op 12 juni was het aloude probleem van gebrek aan instroom en niet tijdig bijstellen van het aanbod van trajecten weer de toponderwerpen. Hoe kan het toch dat er 32.000 (een dynamisch bestand) mensen met een bijstandsuitkering in Amsterdam zijn en dat de instroom op de trajecten van de Amsterdamse publike reintegrateie (dagbesteding/re-integratie) steeds maar weer achterblijft. 

Het antwoord is grotendeels: Sturing door teammanagers op klantmanagers /klantbegeleiders binnen de afdelingen van de directie Werk en Participatie en een goed kwalitatief actueel aanbod van trajecten. Sturing is door de jaren heen een vies woord geworden in managementland bij de gemeente Amsterdam maar tegenover sturing staat vrijblijvendheid en dat laatste is dodelijk. Maar ook sturing vanuit Amsterdamwerkt! en andere afdelingen binnen het domein van Werk en inkomen zelf om naast de route van de klantmanagers ook zelf via de re-integratieconsulenten klanten te vinden. Pro-actieve consulenten die niet achter de computer wachten op een piepje of pingetje op de computer of er een klant wordt aangemeld maar zelf vindplaatsen bezoekt en klanten aan het hun trajecten weet te binden. Als derde pijler dienen andere netwerken te worden aangeboord bijvoorbeeld bij het UWV (WAJONG/ WIA en de WW) . Zo zullen er ongetwijfeld andere /regelingen partners zijn of doelgroepen zijn die kunnen worden aangeboord.

  1. Sturing door teammanagers van Werk en Participatie

Het toeval doet zich voor dat ik de afgelopen vier jaar als OR lid contactpersoon was voor de directie Werk en Participatie en dus rechtstreeks overlegde met de directies van WPI vanuit de medezeggenschap. Ook toeval is dat ik in 2017 als interim manager een groep van 25 klantmanagers heb aangestuurd binnen WPI. Geen toeval is dat ik in 2004 en 2005 bij DWI de functie van klantmanager heb ontwikkeld samen met een externe partij (Boer en Croon). Ik weet dus waar ik het over heb.

Twee en half jaar geleden was een onderzoek gedaan door Deloitte. Eén van de conclusies was dat de teammanagers met van alles bezig waren (pilots/extra taken/experimenten) en dat ze niet aan aandacht voor hun medewerkers toekwamen. Advies van Deloite was: “De medewerker centraal!” Als je geen tijd hebt voor je personeel houdt een teammanager van klantbegeleiders/klantmanagers ook geen caseloadgesprekken, een essentiële taak. . Caseloadgesprekken zijn het instrument om een vinger aan de pols te houden en bij te kunnen sturen met de team taakstellingen in het achterhoofd. Als er niet gestuurd wordt dan zal het gros van de klantbegeleiders de weg van de minste weerstand kiezen. In 2022 beloofde de directeur van WP destijds beterschap n.a.v. het Deloite onderzoek en beloofde ontzorging van de teammanagers zodat zij meer aandacht aan hun medewerkers konden besteden echter in oktober 2024 moest hij toegeven tijdens een overleg met de medezeggenschap dat er niets van terecht gekomen is. Deze directeur is inmiddels vertrokken. Medewerkers niet de juiste aandacht geven en teammanagers niet ontzorgen van allerlei extra ballast leidt tot stuurloosheid en in het geval van Amsterdamwerkt! tot leegloop.

De OR/OC WPI heeft aan de directie WPI in het najaar 2o24 een voorstel gedaan om de functie van senior klantbegeleider in te voeren zodat hij/zij het gebrek van aandacht door de teammanagers aan/voor de medewerkers (tijdelijk) kon invullen door o.a. het houden van caseloadgesprekken om hen feedback te geven en te kunnen sturen. Dit voorstel van de OR/OC WPI werd in oktober 2024 hard van de hand gewezen door de twee WPI directeuren.

2. Sturing op alternatieven

Ook vanuit Amsterdamwerkt! kan een bijdrage aan de instroom worden geleverd. Daar moet dan wel door de verantwoordelijk afdelingsmanager op worden gestuurd richting zijn/haar teammanagers. Allereerst moeten de aangeboden trajecten aansluiten op de vraag en moet je snel kunnen schakelen. Je moet bijvoorbeeld geen traject meer aanbieden als zonnepaneellegger: Een paar jaar geleden was hier veel vraag naar maar nu kun je er geen droog brood meer mee verdienen. De reo van 2022 had als doel wendbaarheid van de organisatie. Deze wendbaarheid zou ook moeten gelden voor de publieke reintegratie van de stad.

Er zijn genoeg andere vindplaatsen waar kandidaten de weg naar de trajecten naar Amsterdamwerkt! kunnen vinden. Ahmed Aboutaleb stimuleerde dit destijds als wethouder en gaf zelf de toenmalige directeur van DWI hiertoe de opdracht. Kandidaten werden toegeleid vanuit uitval beroepsopleidingen. De parels bij Amsterdamse welzijnsinstellingen die daar een geslaagd traject hadden doorlopen. Een ander succesvolle methodiek was ook op te interveniëren op sollicitatie-uitval bij werkgevers met het toenmalige werkgeversloket wat nu Werkgeverservicepunt is. Zeker met het huidige personeelstekort is dit “opkontje” via Amsterdam Werkt de weg naar een duurzame reguliere baan. Je hebt hiervoor wel consulenten nodig die goed kunnen gedijen in netwerken en niet wachten totdat de computer een piepje of pingetje van aanmelding geeft maar het veld in gaan met hun pro-activiteit, de doelgroep goed kennen en doeltreffend kunnen acteren zijn andere randvoorwaarden. Zij moeten door hun teammanager hiervoor worden gefaciliteerd. Lezers van deze blog kunnen uiteraard als reactie andere instroommogelijkheden aangeven.

3. Andere toeleiders

Vanuit het UWV liggen ook volop kansen. UWV klanten uit de MRA- regio die langer dan een jaar in de WW zitten zijn tegenwoordig al langdurig werkloos. Een aanbod van een traject vanuit het Amsterdamse in de waaier van instrumenten waaronder Amsterdamwerkt! zou voor de hand moeten liggen. Ook vanuit de WIA kunnen klanten die jarenlang arbeidsongeschikt thuis hebben gezeten en (deels) worden goedgekeurd een opkontje krijgen. Zo zijn er vast nog andere doelgroepen te formuleren die in het Amsterdamse bestand zitten van mensen die aan de kant staan. 

Tot slot

Ik las onlangs de brief van het management van Amsterdamwerkt! over de herstructurering/reorganisatie. Goed dat er een aparte functie komt voor netwerken en instroom echter ook de traject-consulenten hier een taak in geven is mijn advies.

Maar als je niets doet aan de sturing op klantbegeleiders/klantmanagers (de basis op orde!) dan lijkt Amsterdamwerkt! een ijsschots richting zomer te zijn tenzij het WPI management nu alsnog adequaat ingrijpt. Je kan herstructu -reren/ reorganiseren tot je een ons weegt met nieuwe trajecten en fasen maar zonder adequate sturing op de kernfunctionaris (de klantbegeleiders) wordt het een oeverloos verhaal. Vanuit mijn rol bij de Amsterdamse OR (contactpersoon voor OC WPI) de laatste vier jaar weet ik dat het management van WPI/afdeling AW er meer dan twee jaar overgedaan heeft om met dit verhaal (geen hogere wiskunde) te komen en met de nieuwe trajecten, natuurlijk heeft dit veel te lang geduurd met de snelheid van een schildpad olietanker. Met dergelijke snelheden geef je geen invulling aan de wendbaarheid die WPI sinds 2022 voorstaat en dat is geen goed teken en is eigenlijk een brevet van onvermogen. Opvallend bij het afschaffen van de huidige trajecten is de sportmodule/traject, een vaak essentieel onderdeel bij reintegratie, heel vreemd om de ruggengraat van succesvolle re-integratie te skippen. Afscheid nemen van de Amsterdamse publieke re-integratie op termijn zou het kind met het badwater weggooien zijn

Deze herstructurering is de laatste kans: Sturing, sturing en sturing op de klantbegeleiders van de gehele directie Werk & Participatie is het adagium en absolute randvoorwaarde. Voorts (tijdelijke) invoering van de senior functie voor klantbegeleiders om caseload-gesprekken te kunnen houden totdat de teammanagers daadwerkelijk zijn ontzorgd. De publieke re-integratie als gedwongen winkelnering (woordgrapje ;-)) op de kaart zetten is een noodzaak..

Edward Neering

Ik ontving de brief via mijn netwerk bij de medezeggenschap. Dit traject is sowieso adviesplichtig . Immers functies veranderen en er wordt gespeculeerd op minder personeel/boventalligheid. (art.25 WOR). Boventalligheid gaat zeker plaatsvinden denk ik . Hoop dat op dit traject samen met de OC/OR snel kan worden doorgepakt om de periode van onzekerheid zo kort mogelijk te laten zijn.

Nu maar hopen dat het WPI management het licht ziet! 😉